|
|
|
verslag:
Maarten Rood |
|
|
|
Delft,
kwalificatie 200 km |
|
|
|
Het weer is de
afgelopen maanden slecht geweest. M'n trainingen heb ik veelal in
storm en regen moeten afleggen. De afstanden werden daarbij met de
week langer om half maart klaar te staan voor de eerste kwalificatie
voor Parijs-Brest-Parijs. Voor de 200 kilometer heb ik voor Delft
gekozen, de eerste mogelijkheid in Nederland. |
|
 |
|
Bij de
inschrijving staan 49 wielrenners aan de start. Daarbij zijn enkele
ligfietsers die ik doorgaans niet tegen kom bij grote
wielertochten. Ook de leeftijd van de wielrenners is nogal hoger
dan waarmee ik normaal mee rijd. Randonneurs zijn doorgaans de
senioren onder de wielrenners. Een handje van de organisator
en een praatje met andere renners. Het lijkt een 'ons-kent-ons'
groepje. Exact op tijd wordt het startsein gegeven en vertrekken
we in een peloton de stad uit. Met slechts een papiertje met
aanwijzingen worden wij geacht een ronde van 200 kilometer te
maken vanuit Delft via Hoek van Holland, langs de kust naar
Bloemendaal om daar via Zwanenburg door de bloemstreek terug te
keren naar Delft. Als de snelle wielrenners zich los maken van het
peloton twijfel ik of ik mee ga. Het seizoen is nog maar net
begonnen en de conditie is nog niet goed genoeg om uren lang
hard door te rijden. In de tweede groep praat ik met andere
renners. Op de vraag of zij zich ook willen kwalificeren voor
PBP volgen vele leuke gesprekken die me ondanks mijn voorgaande
prestaties nietig maken. Eén deelname aan PBP is nog niets, een
aantal zijn als aan de derde, vierde of zelfs vijfde keer toe.
Dit wordt een leerrondje voor me. Ik neem allerlei tips in me
op. Met een combinatie van m'n eigen ervaringen kan ik in
augustus sterk aan de start komen. Langs de Nieuwe Waterweg op
weg naar Hoek van Holland staat de harde wind op kop. Ik trek
eens lekker op kop en merk op dat aan de achterkant van de groep
mannen moeten lossen. De conditie is goed. Bij het keerpunt bij
het strand is een geheime controle, een nieuw fenomeen die
blijkbaar hoort bij de kwalificaties voor PBP. Ondanks het
enigszins trage tempo blijf ik bij m'n groep. Ik weet de weg
niet en het papiertje is met de wind te lastig om steeds te
raadplegen. Over een prachtig fietspad door de duinen rijden we
via Den Haag naar Bloemendaal. Na een rondje over het Kopje van
Bloemendaal rijden we naar Spaarndam voor een controle. In een
nieuw gevormde peloton rijden ik terug naar het zuiden langs
Schiphol en door de Bollenstreek. Er staat een stevige zijwind.
Ik ben nog niet sterk genoeg om kop te trekken. Ik verschuil me
in de groep. De komende weken zal ik verder aan m'n conditie
moeten werken om klaar te staan voor de 300 kilometer. In Leiden
rijd ik nog per ongeluk over een eend. Dat is m'n tweede
dierlijke dode. Enkele jaren geleden was er
een overstekende muis die onder m'n wiel kwam. Terug in Delft
lever ik m'n controlekaart in. Deze wordt naar de organisatie
van PBP gestuurd voor homologatie van de rit. De eerste
kwalificatie is volbracht. Over drie weken wordt er weer vanuit
Delft gereden, dan is de lengte van het parcours 300 kilometer. |
|
|
|
|
 |
 |
 |