|
|
|
verslag:
Maarten Rood |
|
|
|
Ossendrecht,
kwalificatie 400 km |
|
|
|
"Of het nog
doorgaat", de organisatie van de 400 kilometer kwalificatierit van
Ossendrecht kreeg de vraag van een verontrustende wielrenner. Een
weerman heeft voor de komende nacht een waarschuwing uitgedaan voor
de kustvaart. Er is stormachtige wind en veel regen op komst. De rit
gaat desondanks door. Op vrijdagavond 22.00 uur starten 35 wielrenners
voor hun avontuur naar de Ardennen. De eerste kilometers rijden we
in een gesloten peloton. Na de Belgische grens vormen de snelle
renners een groep en gaan vooruit. Het regent en de wind is licht in
de rug. Ik rijd aan kop van de tweede groep en sta deze positie de
eerste uren niet af. De lange rechte wegen liggen me goed. Het gaat
me gemakkelijk af om een strak tempo aan te houden. De conditie is
perfect. Alleen het navigeren in het donker is lastig. De route moet
van een papiertje gelezen worden door deze telkens voor m'n lamp
te houden. |
|
 |
|
Op een tiental
kilometers voor Huy krijg ik een lekke band. M'n band is tegen een
ongelijk liggende beton plaat gestoten waardoor er een scheur in de
binnenband is gekomen. Bij een verlichte benzinestation verwissel ik
de band met behulp van de mannen met wie ik de afgelopen uren
gereden heb. In Huy krijg ik weer lek. Dit keer rijden de mannen
door. In de buitenband zit een scheur. Deze moeten eigenlijk
vervangen worden maar ik heb geen reserve bij. Door een wikkel van
een energiereep in de band te leggen probeer ik de druk van de band onder controle te houden. Een creatieve oplossing waarvan
ik niet weet hoe lang het duurt voordat ik een volgende lekke band
krijg. De winkels gaan pas over een uur of vijf open. Met m'n
kleine pomp krijg ik de band redelijk opgepompt.
De daaropvolgende
kilometers over de heuvels gaan traag. Voortdurend pas ik op om niet
door kuilen te rijden. Bij afdalingen heb ik weinig grip met een
zachte voorband. Als ik word ingelopen door twee wielrenners kan ik een
pomp lenen. Met hen rijd ik door naar Ouffet waar een
briefkaartcontrole is. Nadat een kaartje in een brievenbus is gedaan
vervolgen we de route. We nemen een verkeerde afdaling. Mijn tempo
ligt voor hen te hoog waardoor ik weer alleen verder rij. Nadat ik
op het juiste parcours ben gekomen rijd ik weer fout. Bij het zoeken
en navragen naar de juiste weg, rijd ik weer lek. Ik verwissel m'n
laatste binnenband. M'n stemming is gedaald tot een dieptepunt. Nog
één keer lek en ik ga liften naar het treinstation in Huy. Einde
kwalificatie, einde Parijs-Brest-Parijs. Met moeite kom ik terug op
het parcours. Het tempo is gedaald, het loopt niet lekker. De
daaropvolgende kilometers rijd ik verdoofd door en laat me door anderen
inhalen. Na de lus door de Ardennen, kom ik terug in Huy. Bij de
plaatselijke fietsenmaker sla ik nieuw materiaal in. Als ik daarna
weer op de fiets zit, is de moraal weer gestegen. Ik fiets een
stevig tempo door tot aan het plaatsje Jeuk waar het peloton bij de
controleplek zit. Dat m'n telefoon het ook niet meer doet, deert me
weinig. Met de grote groep rijd ik terug naar Ossendrecht. Met een
432 kilometer op de teller heb ik een nieuw dagrecord gereden. Nog
één kwalificatie van 600 kilometer ligt nog open om te mogen starten
in Parijs. |
|
|
|
|
 |
 |
 |