|
|
|
verslag:
Maarten Rood |
|
|
|
15de
etappe:
Dreux - Saint-Quentin-en-
Yvelines, 69km |
|
|
|
Bij het verlaten van
Dreux besef ik dat het de laatste etappe is. Het ritme wat ik de
laatste dagen heb gehad over een paar uur doorbroken worden.
Natuurlijk zie ik naar uit om over de eindstreep te gaan, al zou ik het ook prima
vinden om nog door te rijden. De conditie is de laatste dagen perfect
geweest. Een bevestiging van alle trainingen en andere voorbereidingen
van dit seizoen. Ook met het eten en drinken is het goed gegaan. In
voorgaande jaren heb ik daar wel eens problemen mee gehad. Vooral bij
grote temperatuursverschillen tijdens de rit of bij te weinig of te
veel eten. Dan kwam het er vroeg of laat nog wel eens uit. Vooraf heb
ik grote twijfels gehad over de hoeveelheden energierepen en drank die
ik mee zou nemen. Bij Frankrijk, half augustus, had ik me een
voorstelling gemaakt van mooi zonnig weer met een temperatuur van 25
tot 30 graden. In de camper ligt nog een voorraad om minimaal nog
een PBP te rijden.
De eerste kilometers
rijd ik alleen in het donker. Buiten de dorpen is en blijft donker. Ondanks dat Parijs steeds dichter bij komt rijd ik
nauwelijks door dorpjes. Op een kruising moet ik stoppen. Het zicht is
zo slecht dat ik niet weet welke kant ik op moet. Gisteren heb ik al
eens een verkeerde weg genomen. Zeker op deze
plaats, vlak voor de finish, neem ik de gok niet. Een stuk achter me
zie ik een aantal lampjes over de heuvels gaan. Als ze op de kruising
zijn, staan zij ook voor de vraag. Met het weinige licht zoeken we in
drie talen en allerlei kaarten, routebeschrijvingen en gevoel, naar de
juiste richting. Enige minuten later wijs op grond van onze
bevindingen ik een kant op en rijden we samen verder. In het
eerstvolgende dorp wordt het eerdere zoekwerk beloond met een
routebordje. "Marker" roept een van de Britten in de groep. Zijn
vriend
herhaalt het. In een vaste volgorde rijden we over de laatste heuvels.
Ik rijd op kop en probeer een degelijk tempo vast te houden. Zeker
heuvel op houd ik me in zodat we bij elkaar kunnen blijven. Achter me
rijden de twee Britten die in echo "marker" blijven roepen als we een
routebordje passeren. De laatste etappe duurt voor mijn gevoel weer
lang. Door het kronkelige parcours is het gevoel van afstand op z'n
kop gegooid. Op een redelijk vlakke weg probeer ik nog recht op m'n
zadel te zitten om te oefenen straks met de handen in de lucht over de finish te gaan.
Er is door de pijn geen soepele beweging meer te maken. Laat ik het
maar niet doen. In deze vorm wordt het alleen maar lachwekkend.
Na een paar uur
rijden we Saint-Quentin-en-Yvelines binnen. Er klinkt
een ontladende zucht door de groep. We zetten nog eens aan, totdat we
een paar honderd meter verder een bordje in de berm passeren dat de
finish over 15 kilometer is. De stemming daalt. Op een eerstvolgende
heuvel laat ik me afzakken en laat de groep gaan. De zadelpijn is
pijnlijk geworden en ik moet voor een paar honderd meter uit het zadel
en wat rekken en strekken. Een paar andere wielrenners doen het ook,
waardoor er vijf over blijven om naar de finish te rijden.
Even later staat er een bord in de berm dat de finish over 10
kilometer is. Het bord van de 15 kilometer zijn we nog maar net
voorbij gereden. De opluchting is terug. Over de lange brede weg
waarover we ook tijdens de eerste kilometers reden, gaan we in volle vaart
vals plat naar beneden. M'n GPS staat aan. |
 |
 |
|
Met nog een kilometer
voor de streep, laat ik de mannen verder gaan en stop om Hans te
bellen. "Ik sta op een kilometer van de finish. Sta je klaar met je
camera?". In volle vaart rijd ik naar de finish. Via de rotonde rijd
ik in een fuik van toeschouwers die hier rond 04.30 uur op hun wielrenner
staan te wachten. "Maarten, Maarten", hoor ik. Het lijkt Nathalie wel.
Als ik stop vliegt Nathalie me om me nek. Totaal verrast houd ik haar
vast. "Wat leuk! Waar zijn de kinderen?" In een spontane actie heeft
ze de kinderen bij familie onder kunnen brengen en de rit naar Parijs
gemaakt om me te zien eindigen. Het is fantastisch dat ze dit moment
met me meemaakt. Even later zet ik m'n fiets in de stalling. Nog een
eindcontrole en PBP is volbracht. Alie en Hans, de twee fantastische begeleiders
van de laatste dagen, feliciteren me. Zonder hun steun had PBP er voor
mij anders uitgezien. Dag en nacht hebben ze voor me klaar gestaan.
Korte nachten, rijden over onbekende, donkere, regenachtige wegen naar
kleine dorpjes in de haast om op tijd weer voor me klaar te staan.
Mijn tempo werd hun tempo. Tijdens de rit heb ik grote waardering
gekregen voor hun werk en enthousiasme.
Bij de finish worden
de wielrenners verder met applaus en champagne binnen gehaald. In de
sporthal geef ik nog één keer de de administratie af. Met een eindtijd
van 78.21 uur zal ik in de einduitslag worden opgenomen.
Met Alie, Hans en
Nathalie drink ik nog wat. PBP zit er voor ons allemaal op. Het
seizoen is lang geweest maar het was het helemaal waard. Mijn droom om
PBP te rijden is een onvergetelijke mooie herinnering geworden. |
|
|
|
|
 |
 |
 |