Home
Voorwoord
Inleiding
 
Kwalificatie
Delft 200 km
Delft 300 km
Ossendrecht 400 km
Morkhoven 600 km
 
Voorbereiding Parijs-Brest-Parijs
 
Parijs-Brest-Parijs
De laatste uren tot de start
 
1ste etappe: Saint-Quentin-en-Yvelines - Mortagne-au-Perchem
2de etappe: Mortagne-au-Perchem - Villaines-la-Juhel
3de etappe: Villaines-la-Juhel - Fougères
4de etappe: Fougères - Tinténiac
5de etappe: Tinténiac - Loudéac
6de etappe: Loudeac - Carhaix
7de etappe: Carhaix - Brest
8ste etappe: Brest - Carhaix
9de etappe: Carhaix - Loudéac
10de etappe: Loudéac - Tinténiac
11de etappe: Tinténiac - Fougères
12de etappe: Fougères - Villaines-la-Juhel
13de etappe: Villaines-la-Juhel - Mortagne-au-Perche
14de etappe: Mortagne-au-Perche - Dreux
15de etappe: Dreux - Saint-Quentin-en-Yvelines

15de etappe: Dreux - Saint-Quentin-en-                        Yvelines, 69km

 

Bij het verlaten van Dreux besef ik dat het de laatste etappe is. Het ritme wat ik de laatste dagen heb gehad over een paar uur doorbroken worden. Natuurlijk zie ik naar uit om over de eindstreep te gaan, al zou ik het ook prima vinden om nog door te rijden. De conditie is de laatste dagen perfect geweest. Een bevestiging van alle trainingen en andere voorbereidingen van dit seizoen. Ook met het eten en drinken is het goed gegaan. In voorgaande jaren heb ik daar wel eens problemen mee gehad. Vooral bij grote temperatuursverschillen tijdens de rit of bij te weinig of te veel eten. Dan kwam het er vroeg of laat nog wel eens uit. Vooraf heb ik grote twijfels gehad over de hoeveelheden energierepen en drank die ik mee zou nemen. Bij Frankrijk, half augustus, had ik me een voorstelling gemaakt van mooi zonnig weer met een temperatuur van 25 tot 30 graden. In de camper ligt nog een voorraad om minimaal nog een PBP te rijden.

De eerste kilometers rijd ik alleen in het donker. Buiten de dorpen is en blijft donker. Ondanks dat Parijs steeds dichter bij komt rijd ik nauwelijks door dorpjes. Op een kruising moet ik stoppen. Het zicht is zo slecht dat ik niet weet welke kant ik op moet. Gisteren heb ik al eens een verkeerde weg genomen. Zeker op deze plaats, vlak voor de finish, neem ik de gok niet. Een stuk achter me zie ik een aantal lampjes over de heuvels gaan. Als ze op de kruising zijn, staan zij ook voor de vraag. Met het weinige licht zoeken we in drie talen en allerlei kaarten, routebeschrijvingen en gevoel, naar de juiste richting. Enige minuten later wijs op grond van onze bevindingen ik een kant op en rijden we samen verder. In het eerstvolgende dorp wordt het eerdere zoekwerk beloond met een routebordje. "Marker" roept een van de Britten in de groep. Zijn vriend herhaalt het. In een vaste volgorde rijden we over de laatste heuvels. Ik rijd op kop en probeer een degelijk tempo vast te houden. Zeker heuvel op houd ik me in zodat we bij elkaar kunnen blijven. Achter me rijden de twee Britten die in echo "marker" blijven roepen als we een routebordje passeren. De laatste etappe duurt voor mijn gevoel weer lang. Door het kronkelige parcours is het gevoel van afstand op z'n kop gegooid. Op een redelijk vlakke weg probeer ik nog recht op m'n zadel te zitten om te oefenen straks met de handen in de lucht over de finish te gaan. Er is door de pijn geen soepele beweging meer te maken. Laat ik het maar niet doen. In deze vorm wordt het alleen maar lachwekkend.  

Na een paar uur rijden we Saint-Quentin-en-Yvelines binnen. Er klinkt een ontladende zucht door de groep. We zetten nog eens aan, totdat we een paar honderd meter verder een bordje in de berm passeren dat de finish over 15 kilometer is. De stemming daalt. Op een eerstvolgende heuvel laat ik me afzakken en laat de groep gaan. De zadelpijn is pijnlijk geworden en ik moet voor een paar honderd meter uit het zadel en wat rekken en strekken. Een paar andere wielrenners doen het ook, waardoor er vijf over blijven om naar de finish te rijden. Even later staat er een bord in de berm dat de finish over 10 kilometer is. Het bord van de 15 kilometer zijn we nog maar net voorbij gereden. De opluchting is terug. Over de lange brede weg waarover we ook tijdens de eerste kilometers reden, gaan we in volle vaart vals plat naar beneden. M'n GPS staat aan.

Met nog een kilometer voor de streep, laat ik de mannen verder gaan en stop om Hans te bellen. "Ik sta op een kilometer van de finish. Sta je klaar met je camera?". In volle vaart rijd ik naar de finish. Via de rotonde rijd ik in een fuik van toeschouwers die hier rond 04.30 uur op hun wielrenner staan te wachten. "Maarten, Maarten", hoor ik. Het lijkt Nathalie wel. Als ik stop vliegt Nathalie me om me nek. Totaal verrast houd ik haar vast. "Wat leuk! Waar zijn de kinderen?" In een spontane actie heeft ze de kinderen bij familie onder kunnen brengen en de rit naar Parijs gemaakt om me te zien eindigen. Het is fantastisch dat ze dit moment met me meemaakt. Even later zet ik m'n fiets in de stalling. Nog een eindcontrole en PBP is volbracht. Alie en Hans, de twee fantastische begeleiders van de laatste dagen, feliciteren me. Zonder hun steun had PBP er voor mij anders uitgezien. Dag en nacht hebben ze voor me klaar gestaan. Korte nachten, rijden over onbekende, donkere, regenachtige wegen naar kleine dorpjes in de haast om op tijd weer voor me klaar te staan. Mijn tempo werd hun tempo. Tijdens de rit heb ik grote waardering gekregen voor hun werk en enthousiasme.  

Bij de finish worden de wielrenners verder met applaus en champagne binnen gehaald. In de sporthal geef ik nog één keer de de administratie af. Met een eindtijd van 78.21 uur zal ik in de einduitslag worden opgenomen.

Met Alie, Hans en Nathalie drink ik nog wat. PBP zit er voor ons allemaal op. Het seizoen is lang geweest maar het was het helemaal waard. Mijn droom om PBP te rijden is een onvergetelijke mooie herinnering geworden.