Home
Voorwoord
Inleiding
 
Kwalificatie
Delft 200 km
Delft 300 km
Ossendrecht 400 km
Morkhoven 600 km
 
Voorbereiding Parijs-Brest-Parijs
 
Parijs-Brest-Parijs
De laatste uren tot de start
 
1ste etappe: Saint-Quentin-en-Yvelines - Mortagne-au-Perchem
2de etappe: Mortagne-au-Perchem - Villaines-la-Juhel
3de etappe: Villaines-la-Juhel - Fougères
4de etappe: Fougères - Tinténiac
5de etappe: Tinténiac - Loudéac
6de etappe: Loudeac - Carhaix
7de etappe: Carhaix - Brest
8ste etappe: Brest - Carhaix
9de etappe: Carhaix - Loudéac
10de etappe: Loudéac - Tinténiac
11de etappe: Tinténiac - Fougères
12de etappe: Fougères - Villaines-la-Juhel
13de etappe: Villaines-la-Juhel - Mortagne-au-Perche
14de etappe: Mortagne-au-Perche - Dreux
15de etappe: Dreux - Saint-Quentin-en-Yvelines

5de etappe: Tinténiac – Loudéac, 85km

 

Loudéac heb ik vooraf als minimaal doel gesteld voor de eerste dag. Deze stad in Bretagne ligt op 450 kilometer van het parcours. Op grond van de vele verhalen die ik het afgelopen jaar gehoord en gelezen heb, zullen in deze stad de meeste wielrenners hun eerste slaapplaats nemen. Het liefst rijd ik door naar Carhaix, de daaropvolgende controle na 526 kilometer. Daarmee is dan een mooie basis gelegd voor de dagen die nog volgen. Als alles mee zit, is Brest zelfs nog een mogelijkheid.  

Maar op weg naar Loudéac breekt de slaap me op. Regelmatig moet ik de pedalen stilhouden om mezelf wakker te houden. Conditioneel voelt het nog goed. De hele dag heb ik goed gegeten en gedronken, op tijd rust genomen en degelijk doorgereden in een tempo dat lang vol te houden is. De etappe duurt voor mijn gevoel erg lang. Ik tel de kilometers af en maak voor mezelf een lijstje met wat ik straks in de camper wil eten. Daar zal zeker spaghetti en coca cola bij zijn. Ik hoop op een heropleving waardoor het slapen nog uitgesteld kan worden tot Carhaix.  

De groep waarin ik de tweede helft van de etappe rijd groeit. We rijden in een gestaag tempo de kilometers weg. De vertegenwoordiging in deze groep is divers. Amerikanen, Fransen, Spanjaarden, Italianen, Japanners en een Nederlander doen hun kopwerk in de groep. Afzien blijkt universeel te zijn.  

Bij het binnenrijden van Loudéac gaat de zon weg en begint de avond. Hans staat op een vluchtheuvel te filmen. Ali is in de buurt. Bij het checkpoint liggen wielrenners op de grond, slapend op de grond verwikkeld in een deken of warmtefolie. Sommigen zien er aangeslagen uit. Sporters kunnen snel herstellen. Ik vrees voor de wielrenners die hier over enkele uren aankomen, voor de slag van Bretagne.  

Dinsdag 21 augustus 19.05 uur, Loudéac, 450 km 

Na de controle rijd ik een kilometer terug waar ik Alie en Hans heb zien staan. Hun camper staat tegen het parcours aan. Vanuit de stoelen kunnen zij PBP op de eerste rang volgen. “Je ziet er moe uit”, krijg ik als eerste te horen.

Na de controle rijd ik een kilometer terug waar ik Alie en Hans heb zien staan. Hun camper staat tegen het parcours aan. Vanuit de stoelen kunnen zij PBP op de eerste rang volgen. “Je ziet er moe uit”, krijg ik als eerste te horen. Ze hebben gelijk, het was een zware dag. De coca cola gaat er nog net in, naar het bord met spaghetti kijk ik meer aan dan dat ik er van eet. Het gevolg van de uitputting. Ik bel Nathalie. Ze kan aan me horen dat ik het zwaar heb en stelt voor om te gaan slapen. Ze leeft in Nederland helemaal met me mee, volgt de passages op het internet en heeft regelmatig contact met haar moeder. “Wanneer kom je weer thuis?”, vraagt mijn 4-jarige zoon Splinter aan de telefoon. Hij zal nog een paar dagen moeten wachten. Er zijn nog 777 kilometer te rijden naar Parijs. “Ga je winnen, papa?”. “Nee, papa gaat niet winnen, maar er zijn er wel veel die achter papa rijden”. Door de voorruit zie ik wielrenners Loudéac binnen rijden. Sommigen zitten er helemaal doorheen. Alie zal me over drie uur wakker maken voor dag 2. In bed baal ik nog dat ik Carhaix niet heb kunnen halen. Door het weer was Loudéac is meest haalbare. Op de teller van mijn fiets staan nu 458 kilometer, een nieuw dagrecord. Morgen volgt het keerpunt in Brest en als de wind zo blijft staan, is deze in de rug. Eigenlijk ben ik dik tevreden over de eerste dag. Buiten wordt er doorgereden, ik ga slapen.  

Drie uur later maakt Alie me wakker. Redelijk fit sta ik op en drink en eet nog wat voor het vervolg in de nacht. Hans heeft zojuist de kopgroep voorbij zien komen. Nu gaan de wielrenners twee kanten op. Alie en Hans gaan eerst nog slapen. Morgenmiddag zullen wij elkaar weer zien op de terugweg in Carhaix. Ik rijd terug naar het checkpoint en roep tegen de seiner “déjà controllé”. Hij wenst me een ‘bonne route’. De 6de etappe is begonnen.


 

 

6de etappe >>>