Home
Voorwoord
Inleiding
 
Kwalificatie
Delft 200 km
Delft 300 km
Ossendrecht 400 km
Morkhoven 600 km
 
Voorbereiding Parijs-Brest-Parijs
 
Parijs-Brest-Parijs
De laatste uren tot de start
 
1ste etappe: Saint-Quentin-en-Yvelines - Mortagne-au-Perchem
2de etappe: Mortagne-au-Perchem - Villaines-la-Juhel
3de etappe: Villaines-la-Juhel - Fougères
4de etappe: Fougères - Tinténiac
5de etappe: Tinténiac - Loudéac
6de etappe: Loudeac - Carhaix
7de etappe: Carhaix - Brest
8ste etappe: Brest - Carhaix
9de etappe: Carhaix - Loudéac
10de etappe: Loudéac - Tinténiac
11de etappe: Tinténiac - Fougères
12de etappe: Fougères - Villaines-la-Juhel
13de etappe: Villaines-la-Juhel - Mortagne-au-Perche
14de etappe: Mortagne-au-Perche - Dreux
15de etappe: Dreux - Saint-Quentin-en-Yvelines

7de etappe: Carhaix - Brest, 88km

 

Vanaf het checkpoint volg ik de routebordjes de stad uit. Na een lange afdaling over een donkere weg volgt een rotonde waar geen routebordje meer staat. Ik rij een stuk terug maar kan geen bordje ontdekken. Ook na een paar ronden over de rotonde blijkt dat het parcours niet over deze weg loopt. Ik moet terug naar waar ik voor het laatst op het parcours heb gezeten. Dat was net na het vertrek uit Carhaix. Door de verschillende rondes die ik over de rotonde heb gereden weet ik niet meer waar ik vandaan kwam. Verdwaald. Alles is donker en er staan geen borden of andere tekens waar ik me aan vast kan houden. Ik rij een richting in die me het meest doet lijken op de weg die ik daarvoor gereden heb. Na twintig minuten houd ik stil. Dit was niet de goede kant. Ik moet naar Brest, naar het westen. M’n GPS geeft aan dat de weg waarop ik nu ben van noord naar zuid gaat. Er is een smalle weg naar het westen. Ik probeer de smalle weg die stijl de berg naar een zandpad leidt. Een andere smalle weg kent enige asfaltstukken. Deze gaat stijl naar beneden en komt uiteindelijk bij de  grote noord-zuid weg. Dan maar terug richting het zuiden tot aan de rotonde. Ik neem een andere richting en zie na enkele kilometers in de verte een verlichte stad. Dat moet Carhaix zijn.  

In de stad kan ik het parcours weer op. Het foutje heeft me anderhalf uur gekost. Volledig mijn fout, de borden zijn overal duidelijk aangegeven. Misschien ben ik achter een paar wielrenners aangereden die naar een locale slaapplaats zijn gereden. Hoe het ook is gekomen. Ik ben blij dat ik verder kan. Na 20 kilometer begint de lange goed lopende beklimming naar Roc Trevezel, het hoogst gelegen punt van PBP. In de laatste kilometers naar de top komen er renners die al op hun terugweg zijn ons tegemoet. Het landschap is hier anders dan wat ik vanaf Parijs hebben gezien. Het lijkt het meest op een begroeit duinlandschap. Omdat dit gebied open is, is de wind hard op de kop. In de afdaling trap ik mee om nog een beetje vaart te houden.

Als de voorsteden van Brest bereikt wordt, gaat voor het eerst de zon schijnen. Het liefst wil ik mijn lange broek en jack uitdoen maar heb geen ruimte meer in de rugzak. Aan het parcours wordt het druk met publiek. “Bon courage”, “Bon voyage” wordt ons toegeroepen. Ook in Brest wordt er lustig ge-high-fived. De laatste kilometers rijd ik met een Rus en een Duitser. We rijden in een hoog tempo over de prachtige futuristische brug met uitzicht over de Atlantische oceaan. Enkele kilometers verder is het checkpoint. Ik wil Alie en Hans sms-en dat ik aangekomen ben, maar krijg eerst een bericht van Nathalie.  

… volgens mij ben je bijna in Brest. Hoera op de helft. Als je in dit tempo doorgaat heb je een mooie tijd. Misschien toch nog langer slapen? Hier alles ok …. .

en sms haar terug: 

… ben nu in Brest. Eindelijk is er zon en … de wind in de rug. … . 

Bij het checkpoint doe ik mijn ogen dicht. Ik val in slaap. Als ik wakker wordt zoek ik verschrikt naar een klok. Gelukkig, maar één uur geslapen. Ik pak mijn fiets, blij om met de wind in de rug te gaan fietsen.


 

 

8ste etappe >>>